vrijdag 27 maart 2015

50 procent val

De 50% val.

Stelling 1.
Uw aandelenadviseur mag in 50% van de gevallen een fout advies geven, en dan doet hij zijn werk gemiddeld.

Stelling 2.
De helft van de aandelen in uw (geadviseerde) portefeuille behoort daar niet in thuis.

Laten we die stellingen eens even gaan beredeneren, dat is minder moeilijk dan het lijkt.

Ons uitgangspunt is, dat er geen aandelen uit het niets ontstaan of in het niets verdwijnen. Dus als er een koper van een partij aandelen is, is er ook een verkoper. Dat is dan logisch. Laten we er eens vanuit gaan dat zowel koper als verkoper hun eigen adviseur hebben.

Nu wordt er een partij aandelen gekocht. De adviseur van koper heeft een aanschaf geadviseerd, en de adviseur van verkoper heeft kennelijk aangeraden de aandelen van de hand te doen. Waarschijnlijk op basis van dezelfde informatie!


Nu zijn er twee mogelijkheden:

  1. De aandelen gaan stijgen. De adviseur van koper had het goed, de adviseur van verkoper zat er naast

  1. De aandelen doen niets of gaan dalen. Nu heeft de adviseur van verkoper het bij het juiste einde, en heeft die van koper het nakijken.

Dus één van de twee adviseurs zit altijd fout!

Als we alle adviezen in een grote pot gooien, dan zien we dus, dat de helft uit goede, en de andere helft uit foute bestaat. De gemiddelde adviseur heeft het dus in 50% van de gevallen bij het rechte eind. Uitzonderingen naast het gemiddelde, dus die het beter of slechter doen zijn natuurlijk altijd mogelijk maar hier hebben we het over de gemiddelde adviseur.

Overigens bereiken we met het opgooien van een 1 euromunt hetzelfde. "1 euro" betekent kopen, euroland omhoog adviseert  verkopen. Bedenk dat u op deze manier even goed bezig bent als de gemiddelde aandelenanalist. Maar hoe herkent u nu een meer dan gemiddelde analist?

Een goede adviseur heeft een zogenaamd trackrecord waar hij ook nog –terecht- trots op is. Dat is een overzicht van de aanbevelingen die hij over een lange periode heeft gedaan, en per advies een overzicht wat deze aandelen na bijvoorbeeld 1 maand, een half jaar, een jaar en twee jaar voor een rendement hebben laten zien. Als uw adviseur deze cijfers niet heeft, kan dat een indicatie zijn dat hij de 50% niet haalt. Wees dan heel voorzichtig met zijn advies.

Zoek dus altijd een adviseur die boven de 50% zit, of calculeer in dat zijn advies met een kans van 50% fout is en neem beschermende maatregelen, bijvoorbeeld door een aandelenpositie met opties af te dekken. Het kan u heel veel kosten besparen.

Zijn er dan geen goede analisten? Natuurlijk zijn die er wel. Maar hoe vindt u die? En ook hier zien we, dat echt talent betaald wordt.. Deze analisten en adviseurs vinden we meestal bij de duurdere banken waar u met uw schamele kapitaaltje van minder dan een miljoen eurootjes  niet eens langs de portier komt.

Maar als u uw gehele portefeuille door dezelfde analist hebt laten samenstellen, dan mag u ervan uit gaan, dat ook ongeveer de helft van uw portefeuille uit aandelen bestaat die daar eigenlijk niet in horen te zitten.

Blijft de vraag, hoe vinden we die? Nu, de markt gaat meestal in zijn geheel omhoog of omlaag. Dan geeft een analyse over een langere periode al een heel goede indicatie welke aandelen hardnekkig achterblijven bij een stijging of voorop lopen met een daling. Dit zijn de waarschijnlijk zwakke broeders.

Er bestaat computersoftware, als dan niet via internet, waar een portefeuille op dit aspect doorgelicht kan worden.

Natuurlijk kunnen we ook hier op zeker spelen, en een verzekeringsconstructie voor onze portefeuille uitdenken. Hier zijn meerdere manieren voor, die lang niet altijd veel behoeven te kosten. 


Empirisch onderzoek.

Komt het u allemaal maar vreemd over of kost het u moeite dit verhaal op de juiste waarde te schatten? Dan is er nog het volgende:  Zoals hierboven geschetst valt dus af te leiden dat de gemiddelde goede beleggingsadviseur in 50% van zijn adviezen goed zit  In het recente boek "Think like a freak" van Levitt & Dubner wordt een empirisch onderzoek aangehaald (blz 34) waaruit blijkt dat de praktijk nog lager ligt, namelijk op 47,4%. Dat is een slechtere score dan rood/zwart of even/oneven gokken op een roulettetafel (48,6%) en van het opgooien van een munt (50%).

Het lijkt dat theorie en praktijk elkaar hier uitstekend hebben weten te vinden.

Disclaimer


Alle informatie op dit weblog, inclusief de rekenmodulen, is uitsluitend bedoeld voor educatieve doeleinden en de auteur aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor toepassing van de informatie. Door dit weblog te gebruiken gaat u hiermee akkoord.

De gebruikte gegevens zijn over een lange periode verzameld en de bron is niet meer te achterhalen. Mocht u van mening zijn dat uw rechten in het geding zijn dan vernemen we dat graag en zoeken ofwel een oplossing of verwijderen het betreffende begrip.

Vermelding van begrippen of onderwerpen die hier en daar ter discussie staan zoals Bitcoin en cryptogeld betekent geen aanmoediging tot investering. De schrijver aanvaardt geen enkele verantwoordelijkheid voor schade ontstaan door het bezoeken van dit weblog en door het toch te bezoeken gaat u daarmee akkoord. Advertenties zijn geheel voor rekening van de plaatser.